Bezoek aan grootmoeder
donderdag, 22 januari 2009

Het tweede gedicht is een gedicht van mijn hand:


Bezoek aan grootmoeder

Ze schuifelde naar de deur
als antwoord op de droge vensterklop
en opende, de gang,
de vier seizoenen;
de winter achter de voordeur,
een plaasteren gat in de sneeuw
– je merkt het alleen
wanneer de deurkruk erin verdwijnt –
jaren oefening!
Kom binnen,
ze schenkt late koffie
en tilt de beurs half uit de kan,
een zwarte mond gaapt kwijlend, sopt -
de koffie vloeit en stopt
wanneer de beurs de teut afsluit
en opnieuw giet ze uit de kan.
Ze schuift een schotel met
kandijsuiker dichter
en pareert mijn afwijzend gebaar
met een:
“Wat kwaad kan dat nu!”
dat ik nu nog hoor.

Dirk De Cock


Haiku

De kleur van de maan;
de geur zomerend in licht:
vergeten genot.